Beheren doe je straks in een gesprek, niet in een invulformulier
Wij hebben WordPress vervangen door een chat, en dat bevalt beter dan verwacht
Iedereen die weleens een WordPress-site heeft beheerd, kent het ritueel. Je logt in op een beheeromgeving die je twee keer per maand ziet, je zoekt de juiste pagina tussen 73 andere, en je plakt tekst in een editor die er iets anders van maakt dan je bedoelde. Een week later staat er een melding dat vier plugins een update nodig hebben, en die update wil je eigenlijk niet doen op vrijdagmiddag, want dat geeft bijna garanties voor een slecht weekend.
Afgelopen zomer hebben we bij Freed onze eigen website in 33 uur opnieuw opgebouwd. Niet met een nieuw contentmanagementsysteem, maar zonder: een headless opzet waarbij een AI-agent het beheer overneemt. Onze site wordt sindsdien beheerd via een gesprek. Hieronder leggen we uit wat dat precies betekent, wat het opleverde, en vooral waar het niet werkt. Want dat deel wordt in dit soort verhalen meestal overgeslagen.
De vertaallaag
Wat een CMS eigenlijk voor je doet
Een contentmanagementsysteem is in de kern een vertaallaag. Een website bestaat uit bestanden en gegevens, en daar wilde je vroeger als redacteur niet in zitten. Dus bouwden we er een schil omheen met knoppen, formulieren en een editor, zodat iemand zonder technische kennis toch een nieuwsbericht kon plaatsen. Dat was een uitstekend idee, en het heeft twintig jaar prima gewerkt.
Alleen betaal je voor die schil wel een prijs. Je krijgt een database erbij, een inlog, updates, plugins die elkaar in de weg zitten, een beveiligingsrisico dat je actief moet bijhouden, en een pagina die zwaarder wordt dan nodig omdat het systeem voor alle gevallen tegelijk gebouwd is. Vergelijk het met een gereedschapskist waarin twintig soorten hamers zitten omdat de fabrikant niet wist welke klus jij ging doen. Leuk voor de fabrikant, maar een veel te grote en onhandige gereedschapskist voor ons als digitale bouwvakkers.
De cijfers
Wat er gebeurt als je die laag weghaalt
33 uur, en een homepage die 569 keer lichter werd.
De reden dat die vertaallaag er was, is de afgelopen twee jaar veranderd. Een AI begrijpt inmiddels prima wat je bedoelt met "voeg deze case toe en zet hem tussen Omrin en Rodenstock". Dus hebben we de schil eruit gehaald en de site teruggebracht tot wat het is: bestanden in versiebeheer. Het beheer gaat via skills, korte instructies die precies vastleggen hoe wij dingen willen hebben. "Voeg een nieuwe case toe." "Optimaliseer de afbeeldingen." "Vraag om een review zodra alle controles geslaagd zijn."
De cijfers waren eerlijk gezegd confronterender dan we hadden verwacht. Onze homepage ging van 28,7 MB naar 52 KB, wat neerkomt op 569 keer lichter. Over meer dan zestig pagina's zitten we gemiddeld op 99 van de 100 voor Lighthouse Performance. Dat is geen slimmigheid van AI, dat is gewoon wat er overblijft als je alle lagen weghaalt die je niet gebruikt. De helft van die winst hadden we ook zonder AI kunnen halen, we hadden er alleen nooit tijd voor vrijgemaakt.
Achter de schermen
De chat is niet het interessante deel
Hier zit wat ons betreft de kern, en het is het deel dat in de enthousiaste verhalen ontbreekt. Praten tegen je website is leuk, maar het is niet waar het om gaat. Een AI die zomaar iets live mag zetten, is namelijk geen vooruitgang, dat is een ongeluk dat staat te wachten tot vrijdagmiddag vier uur.
Elke wijziging bij ons doorloopt daarom een gecontroleerde Git-workflow. Er komt een preview waar je het resultaat ziet voordat iemand anders het ziet, geautomatiseerde controles kijken naar toegankelijkheid, snelheid en gebroken links, en pas daarna gaat het naar een laatste review door de regisseur bij Freed. Elke wijziging is terug te draaien naar de vorige versie, want alles staat in versiebeheer. Dat is precies dezelfde discipline waarmee we software voor klanten bouwen, alleen dan toegepast op teksten en plaatjes. Governance, security en kwaliteitscontrole zijn saai om over te schrijven en het enige wat dit werkbaar maakt.
Eerlijk verhaal
Waar het wringt
Als WordPress-alternatief raden we dit niet aan iedereen aan, en dat menen we. Als je vijftien redacteuren hebt die dagelijks publiceren, is een fatsoenlijk CMS met rollen, rechten en een redactieplanning gewoon het betere gereedschap. Ook een webshop met voorraad, bestellingen en klantaccounts hoort niet in dit verhaal thuis. Wij hebben een bedrijfssite met cases en blogs, dat is het makkelijke geval.
Verder ruil je het ene soort afhankelijkheid in voor het andere. Waar je eerst vastzat aan een CMS met zijn plugins, leun je nu op een AI-model en op mensen die weten hoe een Git-workflow werkt. Dat je bestanden gewoon bestanden blijven is daarbij je redding: je kunt er morgen een ander model op zetten, of het weer met de hand doen. En het blijft mensenwerk. De laatste slag in een tekst, de zin die net anders loopt, die zetten we er nog steeds zelf in. We durven er een Fryske droge worst om te verwedden dat dat voorlopig zo blijft.
Vooruitblik
Verdwijnt het CMS dan?
Nee, maar het schuift op naar de achterkant.
We denken niet dat traditionele contentmanagementsystemen zomaar verdwijnen. Er zijn te veel sites, te veel redacteuren en te veel goede redenen om ze te houden. Wel geloven we dat ze de komende jaren opschuiven naar AI-native beheerplatformen, waarin AI niet alleen helpt met schrijven, maar ook met optimaliseren, controleren en publiceren. De grote pakketten bouwen die functies er nu al in.
Wat er dan verandert is niet de techniek maar de plek van de knop. Het beheer verhuist van een scherm vol formuliervelden naar een gesprek met een systeem dat weet hoe jouw bedrijf werkt. De formulieren blijven ergens bestaan, alleen kijkt er straks bijna niemand meer naar. Dat is precies hoe we ook naar de rest van ons vak kijken: onze developers worden door AI versterkt, niet vervangen.